Na 1993

Slowaakse vlag
Slowaakse vlag.

De meest voor de hand liggende president van Slowakije zou Alexander Dubček zijn geweest, de meest bekende en in het buitenland meest gerespecteerde Slowaak. Hij overlijdt echter in november 1992 aan de verwondingen ten gevolge van een verkeersongeluk De eerste president van het onafhankelijke Slowakije wordt nu Michal Kováč.

Kováč
Michal Kováč.

Kováč is dan nog een medestander van Vladimír Mečiar. Mečiar drukt in de jaren 90 een zwaar stempel op de Slowaakse politiek. Hij is premier van diverse regeringen, maar wordt enkele malen ten val gebracht doordat parlementsleden uit zijn partij, de HZDS (Beweging voor een democratisch Slowakije) stappen. Velen hebben moeite met zijn autoritaire manier van leiding geven. Mečiar is niet de meest vergevingsgezinde politicus. Als er een verwijdering ontstaat tussen president Kováč en Mečiar neemt de laatste op allerlei platvloerse manieren wraak. Met behulp van zijn vertrouweling Ivan Lexa, die chef is van de veiligheidsdienst, maakt hij Kováč het leven zuur, onder andere door zijn zoon te laten ontvoeren. Bij de verkiezingen van 1998 en 2002 is de HZDS beide keren nog de grootste partij, maar neemt niet deel aan de regering. Bij de presidentsverkiezingen van 2004 krijgt Mečiar bij de eerste ronde nog de meeste stemmen, maar moet hij het in de tweede ronde afleggen tegen Ivan Gašparovič. De laatste wordt in 2009 als president herkozen. Zowel in 1998 als in 2002 wordt Mikuláš Dzurinda premier. In 1998 van een regering met zeer brede samenstelling (zonder HZDS); in 2002 van een centrum-rechtse regering. De regeringen Dzurinda hebben er veel aan gedaan om Slowakije op het internationale vlak aansluiting te laten vinden bij West-Europa. In 2004 wordt Slowakije lid van de Navo en van de Europese Unie.

Róbert Fico
Róbert Fico.

Bij de verkiezingen van 2006 is de nieuwe partij Smer (de Richting) van Róbert Fico de grootste. Deze partij noemt zich sociaal-democratisch. Samen met de Slowaakse Nationale Partij en de HZDS van Mečiar vormt Fico een links-nationalistische regering. Na de verkiezingen van 2010 is Smer weliswaar weer de grootste, maar de regeringspartners uit de vorige periode hebben zo veel verloren dat centrum-rechts weer de meerderheid heeft en een regering vormt onder leiding van Iveta Radičová. Deze regering komt voortijdig (2012) ten val en bij de verkiezingen die dan volgen haalt Róbert Fico met zijn partij Smer een meerderheid van 83 (van de 150) zetels in het parlement. Fico wordt opnieuw premier.

Op economisch gebied verlopen de jaren negentig stormachtig. Onder het communisme waren alle bedrijven staatseigendom, maar begin jaren negentig worden die geprivatiseerd, waarbij niet alles transparant verloopt. Sommige nieuwe rijken blijken banden met de politiek te hebben (de 'wilde privatisatie'). Na 2000 wordt er steeds meer in Slowakije geïnvesteerd, met name in de autoindustrie. Volkswagen breidt zijn fabriek bij Bratislava enorm uit, PSA (Peugeot/Citroën) sticht een fabriek bij Trnava en Kia/Hyundai bij Žilina. In 2009 wordt Slowakije toegelaten tot de eurozone.

Na een lange geschiedenis van afhankelijkheid van anderen (Hongarije, Tsjechië, Duitsland) kan Slowakije nu zijn eigen weg gaan en kiest het voor de gemeenschap van democratische rechtsstaten met een vrije markteconomie.

Bronnen

Boeken
  • Elena Mannová (ed.) (2003) Krátke Dejiny Slovenska, Bratislava: Academic Electronic Press.
Filmpjes